Bouw en Techniek Innovatie Centrum van start

Bouw en Techniek Innovatie Centrum van start

8 mei 2019

Meer regie en bundeling van kennisontwikkeling, opschaling van innovaties en verhoging arbeidsproductiviteit in de ontwerp-, bouw- en technieksector. Dat zijn de centrale begrippen die ten grondslag liggen aan het Bouw en Techniek Innovatie Centrum (BTIC).

Achtergrond

In juni 2018 is op initiatief van de Bouwagenda door de ministeries van EZK, BZK en IenW, TNO, 4TU.Bouw, Vereniging Hogescholen, Techniek Nederland, Koninklijke NLingenieurs en Bouwend Nederland de intentieverklaring voor de oprichting van het Bouw en Techniek Innovatie Centrum (BTIC) getekend. Vanaf dat moment zijn de twee kwartiermakers, Henk Visscher (4TU.Bouw) en Peter Paul van ’t Veen (TNO) van start gegaan met het vormgeven van het BTIC. Zij werkten samen met een kwartiermakersgroep waarin Jacolien Eijer Koninklijke NLingenieurs vertegenwoordigde. Jacolien kreeg waardevolle input vanuit de branche via de werkgroep innovatie van NLingenieurs. 

Input vanuit Koninklijke NLingenieurs

De werkgroep innovatie van NLingenieurs onderschrijft het belang van meer bundeling van innovatie in de bouwsector. “Er ligt een enorme opgave voor ons die vraagt om slimme oplossingen. De zoekrichting voor oplossingen is in de richting van dupliceerbaarheid en tempo maken”, was de gezamenlijke mening van de werkgroep. Ook nu vindt veel kennisontwikkeling in projecten plaats, maar deze is erg versnipperd. Al die individuele inspanningen kunnen we via het BTIC bij elkaar brengen. Door dit samen te brengen met de onderzoeksprogrammering van 4TU, SO2 instituten en HBO-instellingen kunnen we met dezelfde investering meer bereiken. Het aanboren van TKI-gelden zal zorgen voor het vliegwiel dat nodig is om innovatie in de bouwketen vlot te trekken. Ingenieursbureaus kunnen helpen om de programmering aan te laten sluiten bij de behoeften en de nieuw ontwikkelde kennis snel en breed toe te passen.

Voor Koninklijke NLingenieurs waren twee punten van belang om van het BTIC een kansrijke versneller voor innovatie in de bouwsector te maken. Allereerst moet het programma aansluiten op de urgente vraagstukken (en die liggen bij de opdrachtgevers!) Opdrachtgevers moeten goed betrokken zijn, ze moeten als het ware de nieuwe oplossingen uit de handen van het BTIC trekken. Het ligt daarom voor de hand dat juist opdrachtgevers investeren in het BTIC. Voor keten overstijgende innovaties zijn tenslotte opdrachtgevers de grote “winnaar”.

Een ander belangrijk punt voor Koninklijke NLingenieurs was dat ook de markt, en in ons geval ingenieursbureaus, actief mee willen doen met de kennisontwikkeling. Ingenieursbureaus investeren grotendeels in innovatie en kennisontwikkeling binnen projecten. Zij zijn bereid die kennis te delen met anderen, maar alleen als ze in de ontwikkelfase al samen kunnen werken. Een denkmodel waarin de kennisinstellingen de kennis ontwikkelen en de markt de afnemer is van deze nieuwe kennis, is te simpel en zal niet tot een BTIC leiden dat voor ingenieursbureaus interessant is.

Presentatie

Op 1 mei jl. presenteerden deze kwartiermakers hun eindrapport. ‘In de afgelopen maanden zijn er baanbrekende stappen gezet naar een brede samenwerking in een zeer versnipperd landschap van kennisinstellingen, bedrijven, overheden en andere organisaties in de bouw- en technieksector’, aldus kwartiermaker Henk Visscher. ‘De wil tot samenwerking was er bij alle partijen, er is duidelijk behoefte aan een brede organisatie en programmering van innovatie en kennisontwikkeling. Tegelijkertijd is het een uitdaging gebleken om hiervoor de juiste vorm te kiezen.

Jacolien is tevreden over het proces: “Soms voelde ik me wel een lastige speler omdat ik bleef hameren op de punten die voor de ingenieursbranche van belang zijn. Maar de wil om een BTIC op te zetten dat voor alle spelers in de keten werkbaar is was groot in de groep en ik denk dat we met alle partijen samen iets moois hebben gerealiseerd”.

BTIC-Raad en -team van start

Onder de vlag van het BTIC hebben 124 partijen een gezamenlijk programma opgesteld om te komen tot innovatieve opschaalbare renovatieconcepten en duurzame warmtetechnieken. Dit programma is in april in het kader van de meerjarige innovatieprogramma’s van het ministerie van EZK ingediend. Deelnemers zijn bedrijven, kennisinstellingen, gemeenten, adviseurs, branches en woningcorporaties.

BTIC Boegbeeld Maxime Verhagen: ‘Dit is een vliegende start op het gebied van energietransitie en smaakt naar meer. We moeten gezamenlijk de inspanningen en middelen in R&D en onderzoek inzetten, in plaats van versnipperd en ieder voor zich. Ook op het gebied van digitalisering, circulariteit, infrastructuur en ruimtelijke adaptatie moet gezamenlijk veel meer gebeuren. Het begin is er.’

Op woensdag 1 mei is de BTIC-Raad geïnstalleerd als bestuur van het BTIC. Voorzitter Carla Moonen van Koninklijke NLingenieurs maakt deel uit van de BTIC-Raad: “in de eerste BTIC-Raad heb ik benadrukt dat de triple-helix samenwerking van BTIC gericht is op innovatie in de ontwerp-, bouw- en techniek sector. Door dit pleidooi is het woord ‘ontwerp’ toegevoegd omdat veel toekomstige uitdagingen beginnen met het maken van een goed integraal ontwerp. Ingenieurs onderscheiden zich hierin”.

De kwartiermakers geven nu het stokje over aan het BTIC-team dat samen met de partners  vijf meerjarige en integrale kennisprogramma’s gaat opzetten en begeleiden. Via de website van het BTIC (www.btic.nu) komt de komende periode meer informatie beschikbaar.  

BTIC

 Een afvaardiging van de BTIC-Raad en het BTIC-team (v.l.n.r.): Jan Dirk Jansen (4.TU Bouw), Maxime Verhagen (Bouwend Nederland), Machteld de Kroon (TNO), Doekle Terpstra (Techniek Nederland), Carla Moonen (Koninklijke NLingenieurs), Huub Keizers (BTIC), Richard Mulder (BTIC), Henk Visscher (BTIC), Bernard Wientjes (Bouwagenda)