(On)bedoelde effecten van ontwerpen

17 november 2020

Toen ik in de jaren 90 in de Wageningse collegebanken leerde over het fenomeen beekherstel, vroeg ik me af welke systeemfout we op dat moment over het hoofd zagen.

Dit moet ik misschien even toelichten. In de jaren 90 waren waterschappen behoorlijk druk met het hermeanderen van beken, het aanleggen van ecologische oevers en het plaatselijk verhogen van waterstanden. Dit alles om verdroging te voorkomen, de ecologie van de beken te verbeteren en de robuustheid van het watersysteem te vergroten.  Na de hoge-afvoer-jaren 1993 en 1995 kwam daar het Deltaplan Grote Rivieren bij met de welbekende trits vasthouden-bergen-afvoeren. Watergangen moesten anders ingericht worden zodat het water beter vastgehouden kon worden in de haarvaten van de systemen.

Het bijzondere was dat we in Nederland bijna de gehele 20e eeuw druk zijn geweest met het normaliseren, het rechttrekken, van rivieren en beken om de afvoer juist te verbeteren. We zijn dus een eeuw met ingrepen bezig geweest die uiteindelijk een behoorlijk desastreus effect hadden op onze watersystemen.

Dat brengt mij bij de vraag welke verantwoordelijkheid ingenieurs hebben om in beeld te krijgen wat de bedoelde en onbedoelde effecten en vooral onverwachte effecten zijn van een ontwerp? In hoeverre is dat überhaupt mogelijk? In de november besteden we bij Koninklijke NLingenieurs tijdens de maand van De Ingenieuze Stad aandacht aan dit fenomeen in diverse blogs en podcasts.

Het levert een mooie reeks aan verhalen op over tot de verbeelding sprekende bedoelde en onbedoelde effecten. Maar we stellen onszelf ook de vraag of en hoe we in staat zijn om überhaupt bedoelde en onbedoelde effecten van ontwerpen te voorspellen of te meten.

Ik vind dat belangrijk omdat we juist nu, nu we werken aan een aantal grotere transities in Nederland en de wereld, ons best moeten doen om in te schatten welke systeemeffecten een systematische verandering zal hebben. Ik nodig iedereen uit om deel te nemen en mee te doen in het gesprek over de effecten van ons werk.

Jacolien Eijer

Directeur Koninklijke NLingenieurs