Woningcrisis legt noodzaak van landelijke regie bloot.

12 maart 2020

Cobouw-column Jacolien Eijer maart 2020

We hebben in Nederland een woningcrisis. Nu onze minister het zo hardop durft te noemen, kunnen we allemaal het woord gebruiken. Er zijn naar schatting 330.000 woningen te weinig en de jaarlijkse realisatie van 75.000 woningen hebben we afgelopen jaar maar nèt gehaald en zullen we komend jaar als gevolg van stikstof en PFAS niet gaan halen.

Ondertussen groeit in de Tweede Kamer de roep om meer regie vanuit Den Haag. Dat is een ander geluid dan wat de afgelopen Rutte-jaren ‘bon ton’ was. Het geloof in decentralisatie en marktwerking was groot met het liefst zo min mogelijk regels en visionaire stoorzenders vanuit Den Haag.

Als ingenieursbranche maken wij ons al langer zorgen over de beweging naar decentralisatie omdat we ons afvragen of we de grote opgaven zoals de woningbouw, de energietransitie, of de transformatie van onze mobiliteit wel kunnen realiseren op deze manier.

Ik ben opgegroeid in Hoogland, een klein dorp onder de rook van Amersfoort. Tenminste, dat was het toen. Het is nu meer een wijk van Amersfoort tussen de Vinex-wijken Kattenbroek en Vathorst. Het is mijn stellige overtuiging dat de 15.000 woningen in Kattenbroek en Vathorst er nooit waren gekomen als er geen Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra was geweest. Zonder de rugdekking of eigenlijk dwang uit Den Haag had geen wethouder deze grootse plannen doorgezet. En terecht. Waarom zou je als wethouder je nek uitsteken om een landelijk probleem op te lossen? 

 Landelijke regie is nu eenmaal nodig om te zorgen dat gemeenten meewerken aan ontwikkelingen die van landelijk belang zijn. Onze bureaus merken dagelijks in projecten dat landelijke of Europese normen en beleid onontbeerlijk zijn om te zorgen dat duurzamere, veiligere, gezondere ontwerpen overeind blijven. Het is goed dat Den Haag zijn rol weer op wil pakken. Nu maar hopen dat ze het niet overdrijven want de centrale regie mag niet ten koste gaan van regionaal maatwerk en de menselijke maat.

 

Jacolien Eijer

Directeur Koninklijke NLingenieurs